CREATE ACCOUNT

*

*

*

*

*

*

FORGOT YOUR PASSWORD?

*

Visarend

 

EP-visarend-1-fitis-texel-den-hoorn
EP-Visarend-fitis-2-texel-den-hoorn

In de Horsmeertjes zit kennelijk vis genoeg (rietvoorns?) en de Hors en De Geul bieden voldoende rustig plekken om te verblijven. Visarenden zijn als doortrekker zowel in het voorjaar als in de nazomer en herfst, niet ongewoon. Maar heel veel komen er ook niet voorbij. Door vogelaars wordt het waarnemen van een visarend nog altijd als een buitenkansje ervaren. Het zijn natuurlijk ook prachtige roofvogels, met hun lange, iets geknikte vleugels, het zwart-wit patroon van hun onderzijde en de spectaculaire duikvlucht waarmee ze water in plonsen om een vis te grijpen. Verwar de visarend niet met de zeearend! Dat bedoel ik dan wat naam betreft. Want in de natuur zijn het twee heel verschillende vogels. Zeearenden hebben donkere en heel brede vleugels en zijn veel groter met een vleugelspanwijdte van rond de 2 meter. Visarenden komen niet verder dan 1.50 meter, wat overigens altijd nog groter is dan onze eigen havik en buizerd.

Terwijl de Zeearend zich in de laatste decennia weer als broedvogel in Nederland gevestigd heeft, laat de Visarend het nog even afweten. Hoewel? Nu nog liggen de dichtst bij gelegen gebieden in Schotland en in de Noord-Duitse laagvlakte. Daar maken de vogels grote boomnesten in hoge bomen nabij meren. Verzamelaars hadden het nogal eens gemunt op de eieren of jongen van de arenden, zodat sommige nesten in Schotland die gemakkelijk waren te bereiken, dag en nacht bewaakt moesten worden. Hoe dat nu is, weet ik niet precies. Zeker is dat bewaking en bescherming een belangrijke factor is in het voortbestaan en de verspreiding van zulke vogels. Ik vertelde dat vorige keer ook bij de lepelaars.

Grootschalige gebieden met veel (zoet) water en waar weinig mensen komen, dat zijn de plekken die een visarend nodig heeft. En het heeft er alle schijn van dat de Biesbosch zo'n gebied is. Door diverse natte natuurbouwprojecten is dit gebied nog geschikter geraakt en dit jaar waren er al 2 dieren in de broedtijd permanent aanwezig. Dus volgend jaar weer een nieuwe Nederlandse broedvogel? Op Texel acht ik de kans van broeden bijzonder klein. Onze natuurgebieden zijn waarschijnlijk te klein en te druk, terwijl we ook maar weinig zoet water hebben.

Deze tekst verscheen eerder in dorpsblad De Hoornder. Met dank aan Adriaan en Sytske Dijksen (Foto Fitis) voor tekst en beeld.

TOP